Close

06-24226468 webmail@gregtheulings.nl

Pixelpeepen nuttig of niet? Scherpte en beleving van scherpte.

Scherpte en ruis, we lijken er als fotografen soms iets teveel door geobsedeerd. Pixelpeepen, ofwel je foto’s bekijken op 100% om de scherpte te controleren. We hebben ons er allemaal weleens schuldig aan gemaakt. Maar hoe nuttig is dat pixelpeepen eigenlijk? Heeft het uberhaubt wel zin? En in hoeverre moeten we ultieme scherpte nastreven? Wat is scherpte en hoe beleven we die eigenlijk. In deze blog geef ik je mijn visie of pixelpeepen zinnig is of niet…

SCHERPTEBELEVING – TERUG NAAR DE BASIS

Om scherpte en scherptebeleving te begrijpen moeten we teruggrijpen naar de basis van fotografie. Nee, niet zozeer op technisch vlak als wel met betrekking tot het doel. De vraag “Waarom maken we eigenlijk foto’s?”

Vrijwel niemand zal fotograferen om zijn foto’s op te bergen in een mapje op zijn computer zonder ze ooit aan iemand te laten zien…. Er zijn uitzonderingen, zoals Vivian Maier, waarvan het bestaan van haar foto’s pas na haar dood bekend werd en waarbij bleek dat zij een groot fotografisch talent zou zijn geweest – Ik verwijs je hiervoor naar de documentaire ‘Op zoek naar Vivian Maier‘ -. Maar over het algemeen gesproken willen we de foto’s die we gemaakt hebben niet alleen voor onszelf houden.

We maken dus foto’s om deze aan een klein gezelschap (je vrienden of familie), of aan een groot publiek (expositie of internet) te willen tonen. We maken dus foto’s om deze te delen met anderen en dat delen kunnen we op twee manieren doen. Op beeldscherm of op print.

Beeldscherm

Wanneer we foto’s willen publiceren voor gebruik op beeldschermen (monitor, beamer, televisie, tablet of telefoon), dan nemen we die foto’s haarscherp waar, terwijl de hoogste resolutie van die monitor waarschijnlijk niet groter is dan 3840 x 2160 pixels (4K scherm / 8,3 megapixels), of vaker nog; een beeldscherm met een resolutie van ‘slechts’ 1920 x 1024 pixels (2,07 megapixels).

Dit betekent dus dat wanneer we gebruik maken van een Fujifilm camera met een resolutie van 24 megapixels, we eigenlijk maar 35% van de pixels nodig hebben om een foto beeldvullend en in volle resolutie op dat beeldscherm te tonen. Wanneer we dus een 24 megapixel foto gebruiken op een dergelijk beeldscherm, dan wordt daarbij dus tweederde van het totaal aantal beschikbare pixels weggegooid.

Nu zul je misschien denken, “da’s zonde…”. Maar het is geen zonde!
Sterker nog. Het is eigenlijk juist heel fijn dat we zoveel pixels kunnen ‘weggooien’. Het heeft namelijk ook een groot voordeel. Want, doordat we het aantal pixels ‘verminderen’ door te comprimeren, blijft er van ruis of onscherpte op pixelniveau nog maar heel weinig over, terwijl we door dit comprimeren wel een haarscherp beeld overhouden.

Kortom ‘pixelpeepen’, ofwel het bekijken van je foto’s op 100% beeldschermweergave heeft weinig toegevoegde waarde als je weet dat jij, of anderen, jouw foto’s uiteindelijk alleen op een beeldscherm zullen bekijken. Wil je jouw foto’s dus controleren op de hoeveelheid ruis, of scherpte, dan kun je dat beter doen op de uiteindelijke beeldgrootte. Dat wil zeggen in Lightroom of Photoshop op 25% of 33%. Je zult dan een veel beter inzicht krijgen in hoe de kijker de scherpte en het ruisniveau uiteindelijk zal beleven.

Print

Wanneer je foto’s op een beeldscherm zullen worden bekeken hebben we gezien dat je deze kunt beoordelen voor wat betreft scherpte en ruis op een beeldweergave van 25% tot 33%. Hoe zit dat dan bij het afdrukken van je foto’s? Die worden immers groot afgedrukt, moet je deze dan wel beoordelen op een beeldweergave van 100%?

Om die vraag te beantwoorden moeten we eerst de vraag beantwoorden. “Hoe groot wil je printen?”. De ‘oude’ afdrukjes zoals we die allemaal nog wel kennen uit de analoge tijd waren vaak niet groter dan 10 bij 15 centimeter of 13 bij 18 centimeter. Een afdruk in een album zal zelden groter zijn dan 30 bij 20 centimeter, of 30 bij 40 centimeter wanneer we praten over een ‘full spread’. Dat is kortweg gezegd een foto die we verdelen over een dubbele pagina.

Een foto voor aan de muur zal vaak niet groter zijn dan 60 bij 40 centimeter. Zelfs als je een echte liefhebber bent van grootformaat prints, dan is deze over het algemeen niet groter dan 90 bij 60 centimeter.

De grootte van de afdruk bepaald de resolutie die noodzakelijk. Tegelijkertijd heeft dat weer niets te maken met het aantal DPI’s waarover je zo vaak leest. Die is namelijk afhankelijk van de kijkafstand in relatie tot de grootte van de foto. Om een foto in zijn geheel te kunnen zien moeten we immers een bepaalde afstand aanhouden tot die foto. De scherpte van een fotoafdruk beoordelen we dus op zijn geheel en niet op basis van individuele pixels.

Een afdruk van bijvoorbeeld 60 bij 40 centimeter bekijk je het prettigst bij een kijkafstand van ongeveer 110 centimeter. Bij die kijkafstand kunnen we een resolutie van ongeveer 150 pixels per inch hanteren. Zestig centimeter is ongeveer 23,6 inch. Wanneer we deze vermenigvuldigen met 150 dan hebben we daarvoor dus 3543 pixels nodig om deze afstand te kunnen overbruggen. Onze camera heeft er echter 6000 tot zijn beschikking. Een poster van 60 bij 40 centimeter kunnen we daardoor afdrukken op 254 PPI als we dat echt zouden willen. Op een kijkafstand van 110 centimeter hebben we dus ruim voldoende pixels tot onze beschikking voor een grootformaatafdruk van 60 bij 40 centimeter.

Willen we diezelfde foto afdrukken op een formaat van 90 bij 60 centimeter, dan wordt uiteraard ook de kijkafstand groter. Je moet immers nog een extra stap achteruit doen om de foto in zijn geheel tot je te kunnen nemen. Bij die afdrukgrootte wordt de kijkafstand ongeveer 1 meter 90 centimeter. Om zo’n afdruk bij deze afstand als ‘scherp’ te ervaren kun je een resolutie per inch hanteren van ongeveer 90 pixels per inch. Negentig centimeter is ongeveer 35,4 inch. Vermenigvuldigen we dit met 90 dan zouden we de foto al als scherp waarnemen bij een resolutie van 3189 pixels bij 2126 pixels. Zo’n afdruk kunnen we echter maken op maximaal 169 PPI als we daarvoor een 24 megapixel camera gebruiken.

Kortom, ook wanneer we grootformaat afdrukken willen maken die scherp moeten ogen hebben we daarvoor niet de volledige resolutie van onze sensor nodig. Daarmee hoeven we ook voor het maken van afdrukken we dus niet te pixelpeepen. Om een goede beoordeling te maken van een grootformaat afdruk kunnen we dus wederom gebruik maken van een beoordeling van de foto op ongeveer 33% van de beeldschermweergave.

Afbeelding: © Greg Theulings.

FOTO’S BEOORDELEN EN BEWERKEN

Omdat ik weet dat ik mijn foto’s niet persé op 100% of meer hoef te bekijken om toch een goede beoordeling te kunnen maken voor wat betreft scherpte en ruis zul je mij dus ook zelden op 100% mijn foto’s zien bewerken. Dat doe ik dus alleen als er uiterste nauwkeurigheid noodzakelijk is. Over het algemeen bewerk ik mijn foto’s in Lightroom en/of Photoshop op 33% van de beeldschermweergave. Zo kan ik de hele foto in één keer overzien en zie ik dus ook welk effect een bewerking heeft op de gehele foto. Zo beoordeel ik dus mijn foto’s direct op belichting, kleur, contrast en kader.

SCHERPTEDIEPTESCHAAL

Op je Fujifilmcamera uit de X-Serie ben je hem ongetwijfeld een keer in het menu tegengekomen. De optie ‘Scherptediepteschaal’. Wat doet deze functie en waarom noem ik hem in deze blog? Ik leg het je uit…

De scherptediepteschaal is dat blauwe balkje dat je ziet wanneer je het diafragma verdraaid. Bij een groot diafragma (laag f-getal) zul je zien dat deze blauwe balk in de zoeker of achterop het LCD scherm in zijn lengte heel kort wordt weergegeven. zodra je het diafragma gaat knijpen en dichtdraaien (hoger f-getal) zul je zien dat de lengte van die blauwe balk langer wordt. Dat blauwe balkje, geeft zo heel precies weer hoe ‘diep’ de scherptediepte is en waar hij begint.

Allereerst wil ik zeggen dat de optie scherptediepteschaal helemaal niets doet met de foto’s die je met je camera maakt. Deze optie is enkel van invloed op de weergave van de scherptediepteschaal op je camera en de theoretische beleving van scherpte. De keuze die je in het menu wordt gegeven voor de optie scherptediepteschaal op je camera is op: ‘pixelbasis’ of op ‘Filmbasis’.

Pixelbasis

De optie op ‘pixelbasis’, is bedoeld om de scherptediepte te kunnen beoordelen wanneer je de foto’s later inzoomt tot op 100%. Dat wil dus zeggen dat je de scherpte tot op pixelniveau kunt zien. Om die reden wordt de scherptediepteschaal in lengte bij deze keuze als een kortere balk weergegeven.

Filmbasis

De optie op ‘filmbasis’ is gebaseerd op een veel neutralere waarneming van scherpte en scherptediepte. Ook de schaalweergave op objectieven zoals de XF16mm, XF23mm F1.4 en XF35mm F1.4 (en andere objectieven) is ook gebaseerd op basis van op ‘filmbasis’. Deze schaalweergave is dus minder nauwkeurig, maar biedt meer ruimte voor eigen inzicht. Deze schaalweergave biedt dus een bredere schaal. Het is daarmee dus niet gezegd dat deze schaalweergave minder goed is dan die op ‘pixelbasis’. Hij is wel anders, namelijk dieper en daarmee mogelijk wat objectiever in zijn weergave.

Wanneer je, net als ik, geen pixelpeeper bent is de schaalweergave op filmbasis ruim voldoende om er betrouwbaar mee te kunnen werken.

SAMENGEVAT

Of pixelpeepen voor jou nuttig is kan ik natuurlijk niet beoordelen, dat moet ieder voor zichzelf uitmaken. Maar als je mijn blog goed gelezen hebt dan weet je nu dat je scherpte en de beleving van scherpte beter kunt beoordelen als je deze bekijkt op de uiteindelijke grootte van het beeld. Of beter gezegd het zoomniveau van de bewerkingssoftware die je gebruikt zo instelt dat deze overeenkomt met de uiteindelijke grootte van het beeld. In veel gevallen zal dat rond de 25% of 33% zijn.

Door de beeldcompressie die daardoor optreed krijg je eigenlijk een veel beter inzicht in de uiteindelijke beleving van de scherpte en de hoeveelheid ruis op het moment dat de foto door anderen wordt bekeken.

Je hoeft je dus eigenlijk nooit echt druk te maken over de scherpte of ruis. Dat gaat op voor zowel afdrukken als wanneer je jouw foto’s wil bekijken op een beeldscherm. Doordat je de foto al bekijkt op het daadwerkelijke belevingsniveau zul je zien dat je veel minder hoeft te verscherpen, waardoor je oververscherping kunt voorkomen.

Bovendien kun je zo ook nog eens die foto die in eerste instantie misschien niet niet scherp genoeg was, maar wel leuk, toch behouden. Een niet 100% scherpe foto hoeft dus niet direct een probleem te zijn. Zo’n foto hoeft dus niet direct de prullenbak meer in, maar kun je zelfs zonder schroom aan anderen tonen.

Een foto met een resolutie van 3840 pixels breed is niet alleen perfect om te tonen op een 4K televisie of UHD monitor. Je kunt er zelfs met gemak een poster van maken van 60 x 40 centimeter en dat is voor de meesten ruim voldoende groot.

Een tweede voordeel is dat je op deze manier veel ruimte kunt besparen op je harde schijf of NAS. Bovendien kun je deze foto’s met meer eenvoud delen op internet.

Het bekijken en bewerken van foto’s op 25% of 33% moet je niet zien als een wetmatigheid, maar als hulpmiddel in de beleving van de foto. Niemand zal uiteindelijk je foto’s op 100% gaan bekijken. Pixelpeepen, het mag, maar erg zinvol is het niet.

Meer weten over Fujifilm X camera’s?

Ben je al een Fujifilm gebruiker, of zou je graag meer willen weten over Fujifilm X camera’s, dan is er ook een hele leuke Facebook groep die ik onderhoud en waar je lid van kunt worden. ‘Fujifilm X-Serie Vraagbaak en Foto’s‘, is momenteel de grootste Fujifilm X community van de Benelux. Klik op deze tekst om lid te worden van deze groep.

error: