Close

06-24226468 webmail@gregtheulings.nl

Welke ‘lens’ voor welke foto?

Wat maakt een ‘goede’ foto nu eigenlijk tot een goede foto en hoe maak je die? Dat is een vraag die velen zichzelf vast weleens gesteld zullen hebben. Het is vaak niet slechts één ding dat een foto ‘goed’ of ‘slecht’ maakt. Het is een samenloop van keuzes en omstandigheden. Soms is een ‘goede’ foto een kwestie van een lucky shot. Het juiste moment op de juiste plek. Dan valt alles toevallig samen.

Maar fotografie en het maken van een goede foto komt over het algemeen neer op een goede planning, het gebruiken van de juiste materialen en kennis van hetgeen je wil fotograferen. Een ‘goede’ foto komt dus vooral neer op een goede voorbereiding.

Soms hoor je weleens zeggen van een duurdere camera wordt je geen betere fotograaf. Op zich klopt die stelling wel, maar het gebruik van de juiste apparatuur en de juiste lenzen kunnen het je wel makkelijker maken om precies die foto te maken zoals jij hem in je hoofd hebt zitten.

In deze blog wil ik je uitleggen welke objectieven het meest geschikt zijn voor welk type fotografie. Dat zal basiskennis zijn voor de wat doorgewinterde fotograaf, maar voor diegenen die nog niet zo lang fotograferen biedt het mogelijk toch wat licht in de duisternis.

WANNEER WE ‘LENS’ ZEGGEN
BEDOELEN WE MEESTAL EEN OBJECTIEF

Lenzen en objectieven, feitelijk zijn het twee totaal verschillende dingen. Meestal bedoelen we ‘het objectief’ wanneer we woorden in de mond nemen als ‘Wat voor lens gebruik jij’?, ‘Wat voor lens moet ik kopen’, of ‘Welke lenzen heb jij in je fototas zitten?’

Een lens is namelijk eigenlijk alleen een stuk glas dat zo wordt geslepen dat het licht op een bepaalde manier gebroken kan worden. De ene keer met de bedoeling om het licht te bundelen, de andere keer om het licht juist te verspreiden. Een objectief daarentegen bestaat uit verschillende type lenzen en lenselementen met als doel om daarmee lensafwijkingen optimaal te corrigeren waardoor het te fotograferen onderwerp zo scherp mogelijk opgenomen kan worden door de sensor.

Het is niet erg wanneer je het in spreektaal hebt over lenzen wanneer je objectieven bedoelt en om verwarring te voorkomen zal ik proberen om zoveel mogelijk als kan het woord ‘objectief’ te gebruiken.

Een dwarsdoorsnede van een objectief. Een ‘lens’ bestaat eigenlijk uit allerlei verschillende gegroepeerde lenstypen.

OBJECTIEVEN EN HUN KENMERKEN

ZOOMOBJECTIEVEN

Zoomlenzen’ Een zoomlens is een objectief waarbij de brandpuntsafstand kan variëren. Bijvoorbeeld van 16mm tot 55mm. Op 16 mm heb je dan een objectief dat geschikt is voor groothoekopnames, terwijl, op 55mm het objectief geschikt is voor korte teleopnamen.

Een voordeel van een zoomobjectief is dat je ook objecten die zich wat verder van je af bevinden toch kunt fotograferen door ze ‘dichterbij’ te halen. Zo hoef jij jezelf dus niet te verplaatsen.

Er kleven ook een aantal nadelen aan het gebruiken van een zoomobjectief. Zo hebben veel zoomlenzen te maken met een diafragmaverloop. Dat wil zeggen dat ze op hun kleinste brandpuntafstand lichtsterker zijn dan ingezoomd. Het verschil in lichtsterkte kan soms wel oplopen tot wel twee volle stops. Je doet daarbij dan dus concessies voor wat betreft scherptediepte en je kunt deze objectieven niet onder iedere lichtomstandigheid dan even gemakkelijk gebruiken.

Je hebt ook objectieven zonder diafragmaverloop. Deze (duurdere) objectieven worden vrijwel altijd gebruikt door doorgewinterde amateurfotografen en professionals. Die objectieven houden dus over het gehele verloop van alle brandpuntsafstanden dezelfde diafragmawaarde. Het voordeel van deze objectieven is dat zij lichtsterker zijn en onder veel meer lichtsituaties gebruikt kunnen worden en daarmee dus ook als het licht niet optimaal is. Bovendien behoud je met deze objectieven de mogelijkheid tot een redelijk korte scherptediepte.

PRIMES

Primes’ zijn objectieven met een vaste brandpuntsafstand. Je kunt er dus alleen opnames mee maken die een vaste beeldhoek hebben. De brandpuntsafstand, bijvoorbeeld 24mm, 35mm of 50mm bepaald daarbij ‘hoeveel’ je kunt zien. Zoomen doe je dan met je voeten, door dichterbij het te fotograferen onderwerp te gaan staan. Een groot voordeel van primes is dat ze vaak een stuk lichtsterker zijn dan zoomobjectieven. Deze objectieven kunnen dus meer licht ‘vangen’.

De duurdere professionele objectieven met een vaste brandpuntsafstand zijn vaak wel tot 2 stops of méér lichtsterker dan de duurdere professionele zoomobjectieven! Een prime lens biedt dus vooral voordeel ten opzichte van zooms onder nog minder ideale lichtomstandigheden. Je kunt er dus ook mee fotograferen in minder goed verlichte ruimtes, zodat je de flitser nog even in je tas kunt laten. Daarom worden dit soort objectieven ook weleens ‘snelle’ lenzen genoemd.

Een ander groot voordeel van primes ten opzichte van een zoomobjectief is dat door hun ‘grotere’ diafragma je ook gebruik kunt maken van een minder diepe scherpte/diepte.

Dat wil zeggen, je kunt door het grotere diafragma de achtergrond sneller onscherp laten worden, waardoor het te fotograferen object als het ware losgetrokken wordt van de achtergrond. Ook optisch gezien leveren primes vrijwel altijd scherpere foto’s op dan een zoomobjectief. De beeldkwaliteit van een prime objectief is dus vaak beter dan die van een zoom.

Een belangrijk nadeel van een prime objectief ten opzichte van een zoomlens is daarentegen dat je jezelf zult moeten verplaatsen als je wilt inzoomen. Dat nadeel is tegelijkertijd vaak ook een groot voordeel. Doordat jij jezelf zult moeten verplaatsen verandert ook het perspectief en wordt je gedwongen om een creatieve oplossing te vinden voor de uitsnede. Het gebruik van primes levert daardoor vaak meer dynamischere en creatievere foto’s op.

Een ander groot nadeel voor primes ten opzichte van een zoomobjectief is dat je voor iedere brandpuntsafstand waarop je wil fotograferen ook een ‘eigen’ objectief nodig hebt. Zo draag je dus al snel meerdere objectieven bij je in je fototas. Niet alleen maakt dat je tas een stukje zwaarder dan hij al is. Ook financieel gezien zul je bij het fotograferen met primes vaak wat duurder uit zijn.

Overigens wie net begint met fotograferen en graag met primes wil gaan fotograferen doet er goed aan te beginnen met objectieven die als grootste diafragma beginnen bij f2.0. De duurdere professionele primes beginnen vaak bij f1.2 of f1.4. Deze professionelere objectieven zijn vaak maar ⅔e tot 1 stop lichtsterker, maar kosten tegelijkertijd vaak wel het dubbele! Je moet je dan afvragen of dit kleine beetje winst in lichtsterkte en scherptediepte opweegt tegen de extra kosten (en gewicht in je fototas).

BRANDPUNTSAFSTAND EN BEELDHOEK

Het doel van de foto bepaalt in grote mate welke objectieven je zult gebruiken. Voor een landschapsfoto gebruik je over het algemeen een ander objectief dan voor het maken van een portretfoto.

De beeldhoek (kijkhoek) wordt bepaald door de brandpuntsafstand (f-getal). Wanneer je inzoomt op een onderwerp wordt de brandpuntsafstand langer en neemt de beeldhoek af, waardoor je een klein onderwerp of een onderwerp dat ver weg staat groot in beeld krijgt en je verder weinig van de omgeving kunt zien.

Bij het ‘uitzoomen’ gebeurt het omgekeerde. Dan wordt de brandpuntsafstand tot de sensor juist korter. De beeldhoek neemt daardoor toe (het gebundelde licht hoeft immers niet door een lange toeter heen). Het gevolg is dat het onderwerp wat kleiner in beeld komt of wat verder weg lijkt te staan. Tegelijkertijd zie je daarbij meer van de omgeving.

We spreken daarom in de fotografie om die reden ook weleens van ‘lange lenzen’ en ‘korte lenzen’. Met ‘lange’ lenzen bedoelen we teleobjectieven en met ‘korte’ lenzen bedoelen we dan groothoekobjectieven.

Beeldhoek, van fisheye tot en met super tele.

Beeldhoek, van fisheye tot en met super tele.

Objectieven met een brandpuntsafstand die korter is dan 50mm hebben een grote kijkhoek en worden daarom ook wel groothoek objectieven genoemd. Objectieven met een langere brandpuntsafstand dan 50mm, hebben een korte kijkhoek en noemen we teleobjectieven.

Het menselijk oog heeft een kijkhoek, die ongeveer gelijk is aan die van een 42mm objectief. Veel mensen vinden het daarom fijn ‘werken’ met een objectief van tussen de 35mm en 50mm, omdat ze hierbij waarnemen wat ze normaal ook zien.

Wanneer je een camera gebruikt met een APS-C sensor zoals een Fujifilm camera uit de X-Serie, dan heb je te maken met een crop factor van 1.5 keer. Met zo’n sensor valt een stukje van de beeldcirkel weg, waardoor het lijkt alsof je hebt ingezoomd. In werkelijkheid mis je gewoon een stukje beeldinformatie links, rechts, onder en boven.

Een 23mm objectief geeft je daardoor een beeldhoek als zijnde een 35mm objectief van een digitale 35mm camera. Een 35mm objectief geplaatst op een APS-C camera geeft je een beeldhoek alsof je kijkt door een objectief van 50mm. Alle eigenschappen van het objectief dat je plaatst op je camera blijven behouden. Een 35mm objectief geplaatst op een APS-C camera geeft je dus de scherptediepte van een 35mm objectief, terwijl je een beeldhoek waarneemt als zijnde dat van een 50mm objectief.

Als fotograaf heb je de beschikking over allerlei verschillende soorten objectieven die dus ook voor allerlei verschillende soorten fotografie kunnen worden gebruikt, maar hoe weet je nu welk objectief je het best kunt gebruiken voor welk doel?

HOE ‘LEES’ JE EEN OBJECTIEF?

Het door jou gebruikte objectief is heel bepalend voor wat je door de zoeker van je camera kunt zien. De gebruikte ‘lens’ is daardoor heel bepalend voor het karakter van de foto. Wanneer je naar een objectief kijkt, dan zie je daar allerlei getallen op staan. De belangrijkste twee zijn het aantal millimeters dat het objectief bestrijkt en de grootte van het grootst mogelijke diafragma. Dat laatste getal geeft aan hoeveel licht een objectief kan doorlaten en wordt aangegeven met het f-getal. Bijvoorbeeld 1:2.8.

Je hebt ook objectieven waarbij er meerdere getallen op het objectief vermeld worden voor de brandpuntsafstand en voor het diafragma.

Afbeelding: © Fujifilm.

De ‘lens’ hierboven bijvoorbeeld geeft aan dat dit objectief een brandpuntsafstand kent van 18mm tot 55mm. Er is dan dus sprake van een zogenoemde zoomlens.

Het diafragmagetal geeft aan 1:2.8-4. Dat wil zeggen dat dit objectief een diafragmaverloop kent. Bij 18mm is bij dit objectief het grootst instelbare diafragma dan f2.8, terwijl bij 55mm het grootste diafragma wat je in kunt stellen is teruggelopen naar f4.0. Op 18mm kan dit objectief dus méér licht doorlaten dan dat hij kan op 55mm.

Het getal Ø58 geeft aan dat dit objectief een doorsnede heeft van 58 millimeter. Als je dus een filter op dit objectief wil plaatsen moet hij dus een doorsnede hebben van 58mm.

Verder zie je de letter R – LM en OIS op dit objectief staan. Dit betekent dat ‘R’ het objectief beschikt over een diafragmaring om het diafragma te kunnen verzetten.

LM geeft aan dat dit objectief beschikt over een lineaire motor.

OIS, staat voor Optical Image Stabilization, ofwel dit objectief wordt optisch gestabiliseerd.

De markering WR ontbreekt op dit objectief. Dat geeft aan dat dit objectief niet bestand is tegen (veel) regen en stof.

WELK OBJECTIEF VOOR WELK DOEL?

Wie kijkt in de objectieven catalogus van bijvoorbeeld  Fujifilm die ziet dat zij een flink aantal objectieven voeren, variërend in brandpuntsafstand van 10mm tot wel 400mm. Al die objectieven hebben ieder zo hun eigen doel.

Objectieven met een korte brandpuntsafstand worden veelal gebruikt bij het fotograferen van landschappen. Objectieven met een lange brandpuntsafstand (telelenzen) worden vaak gebruikt door sportfotografen, of door natuurfotografen voor het fotograferen van vogels en wilde dieren. Wil je graag mensen fotograferen dan worden korte telelenzen vaak ingezet voor het maken van portretfoto’s. Objectieven met een brandpuntafstand tussen de 85mm en 135mm zijn daarbij het meest favoriet bij de fotograaf.

De relatie tussen brandpuntafstand en beeldhoek inzichtelijk gemaakt.

GROOTHOEK

Groothoeklenzen – objectieven met een korte brandpuntsafstand – worden veel gebruikt voor het maken van landschapsfoto’s, architectuur- en interieurfotografie. Dergelijke objectieven kenmerken zich door een grote scherptediepte. Dat wil zeggen dat je er over het algemeen veel minder goed objecten mee kunt isoleren.

Het is bij deze objectieven heel lastig om iets onscherp op de achtergrond te krijgen. Een andere karaktereigenschap van deze lenzen is dat ze verlopende lijnen – een spoorlijn of een hoog gebouw – snel overdrijven. Hierdoor lijkt iets al snel hoger, langer of dieper dan dat deze in werkelijkheid is. Wanneer dit effect gewenst is voor de te maken opname, dan is een groothoeklens een goede keuze.

Zorg er wel voor dat je dergelijke lijnen zoveel mogelijk in het midden van de zoeker kadert, want lijnen aan de randen van een foto kunnen al heel snel kromtrekken. Dat effect wordt veroorzaakt door de optische eigenschappen van een groothoeklens.

STANDAARD BEELDHOEK

Objectieven met een standaard beeldhoek worden juist vaak gebruikt wanneer je meer een representatie van de werkelijkheid wil weergeven zonder (teveel) vertekening. Een zogenoemde standaardlens hoort thuis in iedere fototas en is met name populair onder reportage- en straatfotografen.

Onderlinge afstanden blijven namelijk goed in verhouding staan, terwijl je niet te dichtbij en ook niet te ver van het onderwerp af hoeft te staan om een mooie kadrering zonder vertekening te verkrijgen. Tegelijkertijd kun je er nog steeds landschappen mee fotograferen en zelfs portretten als het moet. Geen wonder dat de meest populaire brandpunstafstanden binnen het bereik van 18 tot 50 mm vallen.

KORT TELE

Naarmate de beeldhoek kleiner wordt zul je zien dat ook de toepassing kleiner of specifieker wordt. Korte telelenzen van 60 tot 90mm zijn bijvoorbeeld mateloos populair om toe te passen voor portretfotografie en voor het maken van mooie close-ups van bloemen en paddestoelen.

De korte telelenzen hebben namelijk als belangrijke eigenschap dat je een onderwerp bij gebruik van een groot diafragma (vanaf f1.2 tot f2.0) zeer goed kunt separeren van de achtergrond. Terwijl de afstand tussen camera en het te fotograferen onderwerp nog steeds relatief kort is. Bij portretfotografie blijft het zo prettig communiceren tussen fotograaf en geportretteerde, zonder dat de fotograaf zijn instructies aan de geportretteerde hoeft toe te schreeuwen.

TELE

Objectieven die vallen onder het telebereik worden vaak gebruikt door de natuur- en sportfotografen, of wanneer de fotograaf niet dichtbij het onderwerp kan komen omdat dit niet gewenst is (bijvoorbeeld bij bruidsfotografie in de kerk of het gemeentehuis).

Door de lange brandpuntsafstand kunnen onderwerpen dichterbij worden gehaald. Bovendien neemt de scherptediepte af en neemt de compressie toe. Ook hierdoor kunnen onderwerpen ‘los’ gemaakt worden van hun achtergrond, terwijl er geen supergroot diafragma hoeft te worden gebruikt. Onderwerpen die verder weg staan worden bovendien ‘groot’ weergegeven. Een teleobjectief doet daarmee eigenlijk precies het omgekeerde van wat een groothoek objectief doet.

CONCLUSIE

Voordat je een dag op stap wil gaan met je camera, of voordat je een nieuw objectief wil gaan kopen, is het altijd belangrijk om je vooraf al af te vragen wat je denkt te willen gaan fotograferen. Zo kun je precies die lenzen meenemen die je denkt nodig te hebben voor die dag, zonder dat je teveel of juist te weinig objectieven bij je hebt.

Zo heb ik bijvoorbeeld met mijzelf de afspraak gemaakt dat ik eigenlijk nooit meer dan 3 lenzen in mijn tas steek. Dat kan ik ook eigenlijk niet, want ik heb mijn tas expres niet te groot gekocht zodat ik nooit onnodig teveel lenzen mee kan nemen.

Het beperkt mij in mijn keuze en doet een beroep op mijn creativiteit. Het nodigt mij uit om te blijven experimenteren en omdat ik voor mijzelf de keus heb gemaakt om vooral gebruik te maken van lenzen met een vaste brandpuntsafstand (primes), moet ik ook nog eens veelvuldig creatief omgaan met de compositie die ik wil maken. Dat vergroot voor mij het plezier dat ik heb in fotografie en maakt mij bovendien meer bewust dat ik mijn onderwerpen in de juiste context plaats.

Meer weten over Fujifilm X camera’s?

Ben je al een Fujifilm gebruiker, of zou je graag meer willen weten over Fujifilm X camera’s, dan is er ook een hele leuke Facebook groep die ik onderhoud en waar je lid van kunt worden. ‘Fujifilm X-Serie Vraagbaak en Foto’s‘, is momenteel de grootste Fujifilm X community van de Benelux. Klik op deze tekst om lid te worden van deze groep.

Featured afbeelding: Fujifilm / J. Rask

error: