Close

06-24226468 webmail@gregtheulings.nl

Strobist Fotografie met je Fujifilm camera? Dit is wat je weten moet!

Ben je van plan of zijn dit je eerste stappen met je flitslamp los van je Fujifilm X camera? Ook wel strobist fotografie, offshoe flitsen of draadloos flitsen genoemd… Dan is deze blog er een die je lezen moet! In deze blog leg ik je namelijk uit hoe jij jou flitser handmatig moet bedienen en probeer ik je zo eenvoudig mogelijk uit te leggen waar je rekening mee moet houden. Nieuwsgierig geworden? Lees dan verder…

[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

Een flitser die bovenop je camera is geplaatst geeft vaak geen mooi licht en bovendien houdt de camera helemaal niet zo fijn vast op het moment dat er zo’n grote lompe flitser bovenop je camera staat. Zeker bij een systeemcamera zoals de Fujifilm X-T* serie of X-Pro serie is een grote flitser bovenop je camera niet fijn werken. Het brengt je camera in onbalans en dat fotografeert niet fijn.

Een andere goede reden om draadloos te gaan flitsen is omdat je met een klein aantal reportageflitsers eigenlijk geen grote studioflitsers nodig hebt waardoor je mobiel genoeg wordt om overal je ‘studio’ neer te zetten en zelf buiten de meest fantastische foto’s kunt maken.

Strobist fotografie is dus eigenlijk gewoon flitsfotografie zoals in de studio, maar dan met een kleine reportageflitser die je nu op een (lamp)statief plaatst in plaats van op de flitsschoen van je camera. Je flitser staat daarmee dus los van je camera waardoor je het licht vanuit een andere hoek kunt laten komen dan waar jij staat te fotograferen.

Om draadloos te gaan flitsen heb je eigenlijk niet eens zo heel veel nodig.

WAT JE NODIG HEBT

1. Een Zender en Ontvanger

Een zender en een ontvanger zijn eigenlijk het allerbelangrijkste onderdeel om een flitser los van je camera te kunnen gebruiken. In mijn vorige blog heb ik de Lightpix Labs FlashQ besproken en dit is een hele goede startersset om met ‘strobist’ fotografie te beginnen. Deze zender en ontvanger combinatie is niet moeilijk te bedienen en bovendien relatief goedkoop in aanschaf.

Een eenvoudige zender en ontvanger van bijvoorbeeld LightPix FlashQ stelt je in staat om draadloos te kunnen flitsen. - © Greg Theulings.
Een eenvoudige zender en ontvanger van bijvoorbeeld LightPix FlashQ stelt je in staat om draadloos te kunnen flitsen. – © Greg Theulings.

 

2. Een (of meerdere) reportageflitser(s)

Zonder flitser is het lastig om ‘strobist’ opnames te maken, dus een reportageflitser heb je sowieso nodig. Het leuke van draadloos flitsen is dat je helemaal geen dure flitsers nodig hebt, en ook geen flitsers nodig hebt van hetzelfde merk als je camera. Dat komt omdat je de flitser(s) veelal handmatig moet bedienen en ook met de bovengenoemde FlashQ zender en ontvangercombinatie zul je de flitser(s) handmatig moeten instellen. Heb je dus nog ergens een ‘oude’ flitser in de kast liggen, dan is de kans groot dat je die gewoon kunt gebruiken.

De ontvanger van de LightPix FlashQ is nauwelijks zichtbaar onder de flitser en neemt zo dus weinig ruimte in. - © Greg Theulings.
De ontvanger van de LightPix FlashQ is nauwelijks zichtbaar onder de flitser en neemt zo dus weinig ruimte in. – © Greg Theulings.

 

3. Een lampstatief

Omdat je het flitslicht vaak van bovenaf wil laten komen is het handig om een lampstatief te kopen die je net even wat hoger kunt plaatsen dan dat jezelf lang bent, of eigenlijk de gemiddelde persoon hoog is. Zelf gebruik ik hiervoor de lampstatieven van Lumopro, omdat deze relatief licht en compact zijn, maar waarmee je toch mooi de hoogte in kunt.

Een lampstatief met zogenoemde 'swivel' is handig om je reportageflitser onder diverse hoeken te kunnen plaatsen. - © Greg Theulings.
Een lampstatief met zogenoemde ‘swivel’ is handig om je reportageflitser onder diverse hoeken te kunnen plaatsen. – © Greg Theulings.

 

4. Hotshoe Adapter en een Umbrella Swivel

Zowel een hotshoe adapter als een umbrella swivel heb je nodig om je flitser op het statief te kunnen plaatsen. Allereerst plaats je de umbrella swivel bovenop je lampstatief. Dat ding zorgt ervoor dat je straks je reportageflitser naar boven en beneden kunt richten en tegelijkertijd kun je deze gebruiken om er de steel van de paraplu mee vast te zetten waar je doorheen gaat flitsen. De hotshoe adapter plaats je daar weer bovenop, want anders kun je de flitser niet vastzetten op het lampstatief.

Een doorschiet (witte) paraplu behoort bij de basisuitrusting die je zeker nodig zult hebben als je strobist wil gaan fotograferen. - © Greg Theulings.
Een doorschiet (witte) paraplu behoort bij de basisuitrusting die je zeker nodig zult hebben als je strobist wil gaan fotograferen. – © Greg Theulings.

 

5. Een flitsparaplu

Wanneer je strobist wil fotograferen is het handig om daarvoor een speciale (witte) paraplu aan te schaffen, daar kun je dan doorheen flitsen. Dit zorgt ervoor dat het licht beter wordt verspreid en daardoor minder contrastrijk wordt. Als je wat verder bent gevorderd, of wanneer je dit type fotografie gewoon echt leuk gaat vinden, dan zou ik aanraden om de paraplu te vervangen voor een kleine softbox die je kunt gebruiken in combinatie met je reportageflitser.

Stel de kop van je flitser in op de breedte van de paraplu zodat deze volledig belicht wordt door de flitser. - © Greg Theulings.
Stel de kop van je flitser in op de breedte van de paraplu zodat deze volledig belicht wordt door de flitser. – © Greg Theulings.

MANUEEL FLITSEN HOE WERKT HET?

Nadat je de ontvanger onder de flitser hebt geplaatst, en de zender op je Fujifilm X camera hebt gezet en je natuurlijk, camera, flitser en draadloze zender en ontvanger hebt aangezet ben je in principe klaar om draadloos te gaan flitsen. Maar handmatig flitsen werkt nét even iets anders dan flitsen door middel van een volautomatisch TTL systeem.

Bij een dergelijk TTL systeem berekend de camera en de flitser namelijk precies hoeveel flitsvermogen er door de flitser afgegeven moet worden om een keurig belichte opname te krijgen. Dat werkt zo ingenieus en zo goed dat we er behoorlijk verwend door zijn geraakt en volledig op zijn gaan vertrouwen.

Bij draadloos flitsen moeten we helaas vaak terugvallen op de ‘oude’ manier van flitsen en handmatig de hoeveelheid flitsvermogen instellen. Je moet daarmee de flitser een beetje kennen en het is belangrijk dat je begrijpt dat instellingen als sluitertijd en diafragma net even anders werken dan dat je normaliter gewend bent. Dat gegeven maakt dat veel mensen afhaken om ‘strobist’ te gaan fotograferen, of het heel erg moeilijk vinden, terwijl dat eigenlijk niet hoeft.

Er zijn een paar dingen die je moet weten!

  1. De sluitertijd is niet van invloed op de belichting van het flitslicht, maar het omgevingslicht is dat wel! De flitsduur is namelijk zo kort dat het licht dat uit de flitser komt alweer verdwenen is voordat de sluiter in de camera weer dicht gaat. Omdat ‘omgevingslicht’ aanwezig blijft zal dit omgevingslicht de belichting wel beïnvloeden.
  2. De sluitertijd mag niet hoger zijn dan de maximale flitssynchronisatietijd van de camera.
    Afhankelijk van het type camera kan dat soms al bij 1/160e van een seconde zijn (Fujifilm X-T1, X-T10, X-E2(s)), bij andere camera’s zoals de Fujifilm X-T2 en X-Pro2 kan dat zelfs tot 1/250e seconde. Stel je de sluitertijd korter in dan de synchronisatie snelheid van je camera, dan verschijnt er een zwarte streep door het beeld die veroorzaakt wordt door het sluiten van sluiterbladen.
  3. Het diafragma bepaald de belichting van zowel het flitslicht als die van het omgevingslicht.

HET RICHTGETAL

Ieder type flitser heeft zijn eigen maximale lichtopbrengst. Die lichtopbrengst wordt uitgedrukt in het ‘richtgetal’. De meeste reportageflitsers die tegenwoordig worden gebruikt hebben een richtgetal van rondom de “40” bij een ISO waarde van 100 en bij gebruik van de 35mm zoomstand van de flitskop. Zo heeft mijn Nissin i40 bijvoorbeeld een richtgetal van 27 en mijn Nikon SB910 flitsers een richtgetal van 34.

Je moet wel goed opletten wanneer je naar de richtgetallen kijkt bij de aanschaf van een reportageflitser, want veel fabrikanten willen hun richtgetal zo gunstig mogelijk presenteren.

Vaak doen ze dat door de zoomkop in de reportageflitser in de volledige zoomstand te plaatsen waardoor er bijvoorbeeld een heel gunstig richtgetal van boven de 40 uitkomt, maar dan wel bij een zoomstand op bijvoorbeeld 105mm of meer (Nissin, is hier een goed voorbeeld van), terwijl 35mm de norm is om een goed vergelijk te maken. Daarnaast zie ik steeds vaker dat fabrikanten proberen het richtgetal te ‘verkopen’ bij een ISO waarde van 200 en daarmee dus hun flitser twee keer zo goed aan proberen te prijzen dan de flitser in werkelijkheid is.

Kortom je moet goed opletten bij de aanschaf van een (reportage)flitser, want veel fabrikanten stellen het richtgetal tegenwoordig dus véél te rooskleurig voor.

Nu we weten dat het richtgetal van een flitser belangrijk is, zul je misschien ook wel graag willen weten wat dit getal nu eigenlijk inhoud.  Moeilijk gezegd, maar ik weet helaas echt niet hoe ik het anders en makkelijker moet verwoorden is het richtgetal het product van de flitsafstand en het gekozen diafragma bij 100 ISO.

Wil je dus weten welke afstand de flitser kan overbruggen bij maximaal vermogen dan deel je het richtgetal door het door jou ingestelde diafragma.

Bij het berekenen van die afstand ga ik uit van een (klein) diafragma van f16. Omdat de hoeveelheid licht uit de flitser met iedere stop  verschil met de helft afneemt (of toeneemt, afhankelijk vanaf welke kant je kijkt) kom je bij een ISO waarde van 100 uit op een diafragmawaarde van f16. (1/1 = volvermogen; 1/256 is laagste vermogen).

Je gaat dus uit van een diafragmawaarde van f16. Dat getal deel je dus door het richtgetal van je flitser en je weet hoe ver het flitslicht maximaal kan reiken bij volvermogen van die flitser.

De formule is daarmee:

Maximale flitsafstand = Richtgetal / Diafragma

Voor de Nissin i40 is dat dus 27 : 16 en daarmee ongeveer 1.7 meter bij ISO 100.
Voor de Nikon SB910 is dat dus 34 : 16 en daarmee dus ongeveer 2.10 meter bij ISO 100.

Wie gebruik maakt van een camera uit de Fujifilm X-Serie zoals de Fujilm X-T1, X-T10, X-E2(s), X-T2, X-Pro2 moet rekening houden dat de standaard ISO waarde staat ingesteld op 200. Dat betekent dus dat je daar even rekening mee moet houden.

Met de Fujifilm X-T2 en X-Pro2 kun je overigens RAW fotograferen op ISO 100 en voor flitsfotografie is dat wel zo handig!  Zet deze dus even terug naar ISO 100, want ik ga er in mijn onderstaande tabel vanuit dat de camera wordt ingesteld op ISO 100. Dat is straks ook handiger wanneer je de flitser buiten zou willen gebruiken, omdat buiten iedere stop die je wint telt!

Nu we weten tot hoever het licht kan reiken bij vol vermogen en we dus weten hoe ver we de flitser maximaal van het te fotograferen onderwerp af mogen plaatsen kunnen we daarmee een handige belichtingstabel maken zodat je het vervelende rekenwerk achter je kunt laten.

Diafragma ISO 100 ISO 200 ISO 400 ISO 800 ISO 1600 ISO 3200 ISO 6400 ISO 12800
f16
1/1
   1/2    1/4    1/8    1/16    1/32    1/64    1/128
f11    1/2    1/4    1/8    1/16    1/32    1/64    1/128    1/256
f8.0    1/4    1/8    1/16    1/32    1/64    1/128    1/256  
f5.6    1/8    1/16    1/32    1/64    1/128    1/256    
f4.0    1/16    1/32    1/64    1/128    1/256      
f2.8    1/32    1/64    1/128    1/256        
f2.0    1/64    1/128    1/256          
f1.4    1/128    1/256            
f1.0    1/256              

© Greg Theulings.

De bovenstaande tabel kun je voor iedere flitser toepassen, ongeacht het richtgetal. Het enige dat je dus zelf moet doen is even de berekening maken tot hoever jij je flitser kunt plaatsen.

In mijn geval dus 1.7 meter bij ISO 100 voor de Nissin i40 en 2.10m bij ISO 100 voor de Nikon SB910.

Hou er wel rekening mee dat het richtgetal vaak een opgave is van de fabrikant, in werkelijkheid kan het dus best zo zijn dat jouw flitser geen goede belichting geeft bij de door jou uitgerekende afstand. In dat geval moet je even de flitser naar voren of achteren plaatsen totdat je een goed belichte opname hebt. Meet dan op hoe ver of dichtbij jouw flitser staat van het te fotograferen onderwerp en gebruik die afstand voor de tabel bij ‘vol vermogen’.

De tabel is dus bedoeld om aan te geven hoe het flitsvermogen zich verhoudt tot de diafragmawaarde of de ingestelde ISO waarde.

Gebruik je in plaats van ISO 100, bijvoorbeeld 200 op je camera, dan zie dat je bij gebruik van een diafragma van f5.6 de flitser niet instelt op 1/8e van zijn vermogen maar op 1/16e van zijn vermogen. Heb je de camera bijvoorbeeld ingesteld op ISO 400, dan hoef je zelfs maar 1/32e van het vermogen te gebruiken om een goed belichte opname te krijgen.

Wanneer je licht goed weet te balanceren, kun je er de mooiste foto's mee maken. - © Greg Theulings.
Wanneer je licht goed weet te balanceren, kun je er de mooiste foto’s mee maken. – © Greg Theulings.

Nu je weet tot hoever de flitser een goed belichte opname kan maken bij vol vermogen (1/1), kun je vanaf hier de instellingen gaan wijzigen. Zo wil je waarschijnlijk voor jezelf wat meer speelruimte om zo zelfs wat te kunnen overbelichten en daarvoor komt de tabel goed van pas!

Nu is flitsen bij een diafragma van f16 waarschijnlijk net even teveel van het goede voor je en bovendien is er bij een dergelijk klein diafragma het risico van diffractie (eenvoudig en niet geheel corect gezegd, maar wel het makkelijkst om het zo te onthouden: onscherpte door overlapping van de lichtbundels op de sensor door het gebruik van een te klein diafragma).

De kans is dus groot dat je bij een groter diafragma wil gaan flitsen. Laten we zeggen dat we een flitsopname willen gaan maken bij een diafragma van f5.6. Dan vergroten we daarmee dus de ‘iris’ in de lens, waardoor er door de sensor meer licht ‘gevangen’ kan worden. Nu is het zo dat iedere stop verschil in de grootte van het diafragma ook precies één stop aan lichtopbrengst scheelt.

Het openen van het diafragma (het groter maken van de iris), van f16, naar f5.6 is precies 3 ‘stops’ verschil. Bij ieder van die ‘stops’ verschil kan de sensor dubbel zoveel licht opvangen.

DE OMGEKEERDE KWADRATENWET

Tot nu toe zijn we ervan uitgegaan dat de flitser op dezelfde plek blijft staan, maar soms zul je de flitser moeten verplaatsen, of wil je dat doen om een andere contrastweergave te krijgen. Door het veranderen van de afstand tussen de flitser en het te fotograferen onderwerp geld een moeilijk klinkende regel. De ‘omgekeerde kwadratenwet’, die beter bekend staat als de ‘inverse square law’.

Deze regel verteld ons dat het licht kwadratisch afneemt bij het verdubbelen van de afstand tussen de bron en het onderwerp. Dat houdt dus in dat wanneer je de flitser 2x zo ver van het onderwerp vandaan zet de lichtopbrengst (2 kwadraat) dus 4x is afgenomen. Bij een verdubbeling van de afstand zal het licht zich namelijk over een 4 keer zo groot oppervlak uitspreiden.

Oké ik had beloofd het niet té ingewikkeld te maken en bovenstaande klinkt waarschijnlijk voor heel veel mensen misschien toch behoorlijk moeilijk. Sorry daarvoor want ik had jullie al gezegd dat draadloos flitsen soms best moeilijk kan zijn.

Hopelijk kan ik door het volgende stukje uitleg, toch weer wat meer licht in de duisternis brengen… 😉

De omgekeerde kwadratenwet visueel uitgelegd.
De omgekeerde kwadratenwet visueel uitgelegd.  – © Greg Theulings.

Als wiskunde niet zo je ding is, kun je natuurlijk ook gewoon de tabel volgen en het benodigde getal gebruiken op je flitser om het licht goed in te stellen. 😉

Dit betekent dus dat je niet perse altijd met een vaste diafragmawaarde hoeft te fotograferen. Ik begon deze blog met uit te leggen hoe het richtgetal van invloed is op de maximale flitsafstand bij een bepaald diafragma.

Zo kwam ik bijvoorbeeld uit dat je bij een richtgetal van 27 en een diafragma instelling van f16 de flitser op 1.7 meter van het te fotograferen onderwerp moet plaatsen. Maar je kunt dezelfde belichting ook maken door het diafragma juist verder te openen terwijl je de flitser op dezelfde afstand laat staan. Als je het diafragma opendraait naar bijvoorbeeld f5.6 heb je immers nog maar 1/8e van het flitsvermogen nodig om dezelfde belichting te krijgen. Immers: f16 < f11 < f8 < f5.6 en dat komt overeen met: 1/1 > 1/2 > 1/4 > 1/8

Als je dus een juiste belichting hebt bij 1.70 meter bij een ISO waarde van 100 en een diafragmawaarde van f5.6 en 1/8e vermogen, kunnen we vanaf dit instelpunt de flitser verplaatsen. Wanneer je de flitser nu neerzet op 3.40 meter (2x zo ver van de bron), dan moet er volgens de omgekeerde kwadratenweg dus vier keer zoveel vermogen worden gebruikt om dezelfde lichtopbrengst te verkrijgen en gaan we dus van 1/8e vermogen naar een 1/2.

Stel je zet de flitser niet op 1.7 meter, maar op 85 centimeter, dan wordt de afstand dus een factor 2 kleiner. Dat betekent dus ook dat het flitslicht dan 2 kwadraat toeneemt en daarmee dus 4 keer zoveel lichtopbrengst zal hebben. in plaats van 1/8e flistvermogen kan deze dan verlaagd worden naar 1/32e vermogen.

Flits je overigens door een paraplu of softbox, hou er dan rekening mee dat je ongeveer twee volle stops aan licht zult verliezen. In dat geval zoek je de juiste instelling zonder paraplu in de tabel op, om daarna het flitsvermogen van de flitser of de ISO waarde met twee stappen te verhogen. Je kunt van beide uiteraard ook ieder 1 stop pakken, dus 1 stop extra flitsvermogen en één stop extra door de ISO waarde met één stap te verhogen.

Flitsen zonder TTL en dus zonder flitsautomaat is misschien niet altijd even gemakkelijk om onder de knie te krijgen, maar zodra je doorkrijgt hoe het werkt is het echt een hele leuke manier om met licht te spelen. Probeer het eens, want je zult zien dat het toch makkelijker is dan het zo in deze blog misschien lijkt. De tabel is daarbij een geweldig hulpmiddel die je snel op pad helpt.

Meer weten over Fujifilm X camera’s?

Ben je al een Fujifilm gebruiker, of zou je graag meer willen weten over Fujifilm X camera’s, dan is er ook een hele leuke Facebook groep die ik onderhoud en waar je lid van kunt worden. ‘Fujifilm X-Serie Vraagbaak en Foto’s‘, is momenteel de grootste Fujifilm X community van de Benelux. Klik op deze tekst om lid te worden van deze groep.

Featured afbeelding: Creative Commons

error: